IT
IT Architect
Onderwijs
Toekomstvisie
HO

Hoe de RUG werkt aan de toekomst van digitale identiteit en digitale bewijzen

De Rijksuniversiteit Groningen (RUG) onderzocht samen met Progress en Impierce, via een pilottraject van Npuls, hoe digitale identiteiten en digitale bewijzen (credentials) het onderwijs slimmer, veiliger en efficiënter maken. Tijdens een recente sessie namen Erik Slaterus (Projectleider RUG) en Frida Hatt-Meijer (Functioneel Beheerder RUG) ons mee in de wereld van EduID en de EduWallet.

Stippen
Header afbeelding

Hoe de RUG werkt aan de toekomst van digitale identiteit en digitale bewijzen

Wat is EduID en waarom is het belangrijk?

Het EduID is een digitale identiteit voor het onderwijs. Je kunt het zien als een moderne, onderwijsgerichte variant van DigiD: flexibel, toekomstbestendig en volledig in handen van de student.

Met een EduID kan een student in de toekomst:

  • zich identificeren bij verschillende instellingen;
  • eenvoudig en veilig vakken volgen buiten de eigen instelling;
  • soepel overstappen of samenwerken tussen instellingen.

De EduWallet: digitale map vol betrouwbare bewijzen

De EduWallet is een digitale omgeving waarin studenten officiële, digitaal ondertekende bewijzen ontvangen. Denk aan diploma’s, microcredentials, certificaten of zelfs toegangspassen.

Het grote voordeel: de student beheert de eigen data en heeft altijd snel toegang tot documenten. Daardoor kan de student deze eenvoudig delen met andere universiteiten of werkgevers.

Impierce Technologies heeft als leverancier tot tevredenheid van de RUG een wallet (UniMe) ingericht die uit meerdere platformen bestaat.


De mogelijkheden, voordelen en aandachtspunten

Binnen de pilot bracht de RUG drie use cases in om de mogelijkheden, voordelen en aandachtspunten van EduWallet goed te onderzoeken.

1.       Toegang tot digitaal onderwijs voor professionals

Deze use case richt zich op microcredentials en het toewijzen ervan op basis van EduID. De RUG onderzocht:

  • hoe microcredentials kunnen worden uitgegeven
  • hoe professionals toegang krijgen tot onderwijs via hun EduID
  • hoe een wallet ook gebruikt kan worden voor praktische zaken, zoals toegang tot ruimtes of apparatuur

    In Progress is het nog niet mogelijk om microcredentials uit te geven, wel is Progress er klaar voor om het EduID te kunnen ontvangen via Studielink zodra de functionaliteit daar live gaat.

2.       Digitale diploma’s en diploma supplementen

In deze use case onderzocht de RUG hoe bachelor- en masterdiploma’s, maar vooral het diploma supplement digitaal kunnen worden uitgegeven via de EduWallet.

Dit gebeurt op basis van een Europees vastgesteld format: het ELM-credential. Samen met leveranciers zoals Progress testte en verfijnde de RUG dit format.
Ook de Hogeschool van Amsterdam onderzocht, in een andere EduWallet, een soortgelijke use case waardoor samenwerking voor de hand lag.  De RUG en de HvA testten elkaars credentials in deze verschillende wallets, de resultaten hiervan waren hoopvol en een goed startpunt voor verdere ontwikkeling.

Dit laat zien dat digitale diploma’s straks instellings- en walletoverstijgend werken.

3.       Digitale credentials voor promovendi

De derde use case is in samenwerking met Hora Finita gedaan en richt zich op het digitale bewijs van een doctorsgraad. Hiervoor gebruikt de RUG geen Europees vastgelegd format, maar een flexibel OB3-credential. Hiermee kun je meerdere types bewijs vormgeven. Uit deze case zijn mooie mogelijkheden naar voren gekomen die in Progress zouden kunnen worden doorgevoerd, zoals het bewijs van inschrijving. 

Waarom de RUG de mogelijkheden van een wallet onderzoekt

Er zijn meerdere redenen waarom digitale credentials interessant zouden kunnen zijn voor de RUG.

1. Procesoptimalisatie
Vooral bij internationale toelatingen levert dit veel tijdwinst op. Medewerkers hoeven stempels, echtheid of documenten niet meer handmatig te controleren. Een digitaal credential is automatisch ondertekend en direct verifieerbaar.

2. Minder fysieke diploma’s
Erik deed tijdens de pilot een opvallende ontdekking: een deel van de RUG-bachelordiploma’s wordt nooit opgehaald. Toch moeten die documenten 58 jaar worden bewaard.
Digitale diploma’s kunnen dit probleem drastisch verkleinen. Studenten kunnen straks mogelijk kiezen voor een digitaal diploma, geprint diploma of beide.

3. Aansluiten op nationale en Europese ontwikkelingen
De hele onderwijsketen beweegt deze kant op:

  • De landelijke systemen van het onderwijs gaan werken met EduID
  • De NL‑wallet komt eraan
  • Europese standaarden worden steeds verder uitgewerkt

Door nu te experimenteren, is de RUG klaar voor de toekomst.

Credentials in Progress

Ook het SIS moet mee in deze ontwikkeling. Progress werkte tijdens het pilottraject van de RUG aan een scherm waarmee instellingen credentials kunnen maken en versturen naar de EduWallet van de student.
Frida en Erik kijken positief terug op de samenwerking met Progress.

Digitale diploma’s, microcredentials en flexibele bewijzen worden straks net zo vanzelfsprekend als internetbankieren. De RUG loopt daarin voorop.

Meer weten?

De RUG zet grote stappen richting een toekomst waarin studenten hun eigen digitale identiteit beheren en instellingen credentials efficiënter, veiliger en betrouwbaarder uitgeven. Wil je meer weten over de pilot EduWallet? Kijk dan op www.eduwallet.nl. Wil je weten hoe Progress jouw instelling kan helpen met EduWallet? Neem dan contact met ons op via info@progressonderwijs.nl

Samen in beweging: waarom flexibel onderwijs begint met samen dóén

Van vaste leerroutes naar bouwstenen
De zorg kampt met een hardnekkig personeelstekort, en het oude opleidingsstelsel maakte het er niet makkelijker op. Lange opleidingen, vaste leerroutes en een handvol vaste instroommomenten per jaar: weinig flexibel en slecht aangesloten op wat het werkveld écht vraagt. De conclusie was onontkoombaar — er was behoefte aan een toekomstgericht systeem dat mee kan bewegen.

Bij het Wenckebach Instituut voor Onderwijs en Opleiden (WIOO) van het UMCG is dat systeem inmiddels werkelijkheid aan het worden. De kern: een modulair en flexibel opleidingsstelsel, gebouwd op EPA’s — Entrustable Professional Activities.


Bron: CZO (www.czoflexlevel.nl)

Geen dichtgetimmerde leerroute meer, maar herkenbare bouwstenen die je kunt stapelen. Onderwijseenheden worden opgebouwd op basis van die EPA’s, en omdat sommige beroepshandelingen in meerdere opleidingen terugkomen, ontstaan er functie overstijgende EPA’s met overlap tussen opleidingen. Een verpleegkundige in opleiding hoeft niet langer mee te draaien in één star cohort; individuele trajecten met logische volgordes komen in de plaats van startmomenten per cluster.

Bron: CZO (www.czoflexlevel.nl)

De stille revolutie zit in de logistiek
Klinkt elegant — en dat is het ook. Maar achter die elegantie schuilt een logistieke aardverschuiving. Wat begon als 27 zorgopleidingen vertaalt zich in het nieuwe stelsel naar 258 onderwijseenheden, met een navenante toename in aanbod en startmomenten. Inhoud is één ding; die inhoud daadwerkelijk roosteren, inschrijven, toetsen en administreren is een heel ander verhaal.

Daarom ging het WIOO terug naar de basis vertelt Michiel Katoele. Niet vanuit de techniek, maar vanuit de mens die het allemaal aangaat: de Professional In Opleiding (PIO). Door de PIO-journey samen in kaart te brengen — met management, opleidingsmanagers, docenten, roostermakers, onderwijsadministratie én leveranciers aan tafel — werd zichtbaar wat je kunt behouden en wat je echt anders moet doen. En het belangrijkste uitgangspunt bleef daarbij overeind: de PIO bepaalt de koers.

Waar Progress in beeld komt
Het UMCG werkt al sinds 2016 met Progress als studentinformatiesysteem. In de transitie naar flexibel onderwijs is die samenwerking in een stroomversnelling geraakt aldus Dinant Kasper. De inschrijvingen verhuisden van de losse cursuswinkel naar Progress, er kwamen financiële rapportages bij, het inschrijfportaal werd doorontwikkeld — en, misschien wel het meest bepalend, de onderwijscatalogus werd geïmplementeerd.

Die catalogus is precies de plek waar inhoud en logistiek samenkomen. Hier worden de EPA’s en onderwijseenheden gestructureerd vastgelegd, zodat 258 bouwstenen geen chaos worden maar een werkbaar, inzichtelijk aanbod.

De catalogus is geen bijzaak; het is de motor onder de flexibilisering.

De geleerde lessen
Geen transitie zonder schaafwonden, en dat mag gezegd worden. Een paar lessen die we onderweg meenamen:

  • Inhoud versus logistiek. De grootste vraag is steeds: wat is leidend, en waar liggen de kaders? Onderwijsinhoud en onderwijslogistiek trekken soms aan dezelfde tafel in verschillende richtingen.
  • Flexibiliteit ontstaat door standaardisatie, niet door maatwerk. Dat klinkt tegenstrijdig, maar het is de crux. Juist de EPA als gestandaardiseerde bouwsteen maakt eindeloze combinaties mogelijk.
  • Soms gaat het makkelijk, soms zit het tegen. Realisme hoort erbij.
  • Het is vooral verandermanagement. Loskomen van het oude denken en werken is misschien wel de taaiste opgave — taaier dan welke systeeminrichting dan ook.

En verder kijken dan de eigen muren
Wat opvalt, is dat de beweging niet stopt bij het UMCG. Onderwijsinstellingen gebruiken allemaal hun eigen catalogussen en systemen, en daar ligt een mooie kans volgens de product owner van Progress: vanuit Progress één endpoint ontwikkelen dat instellingen als tussenlaag kunnen gebruiken richting al die verschillende systemen. Verbinding boven versnippering — precies in de geest van waar deze hele transitie om draait.

Samen doen
Als er één rode draad door dit verhaal loopt, is het deze: flexibel onderwijs is geen product dat je aanzet, maar een beweging die je samen maakt. WIOO en Progress, opleider en leverancier, inhoud en logistiek, en bovenal de PIO die de koers bepaalt. Samen in beweging, omdat flexibel onderwijs begint met samen dóén. Geen loze titel maar een werkwijze.

Meer weten?
Sta jij ook voor een vraagstuk waarin je samen met ons wilt bewegen? Laat het ons weten, we staan je graag te woord. info@progressonderwijs.nl of 050-2053530

Kleine verandering – grote impact: studentvoorzieningen in Progress

Progress is altijd in ontwikkeling, ontwikkelingen die voortkomen vanuit verschillende hoeken. Soms gaat het om een functionele vraag van klanten, soms een eigen inzicht van het development team en soms vanuit een bug.
In de afgelopen periode zijn er, vanuit de wens van de klanten, diverse aanpassingen doorgevoerd om het beheer, de zichtbaarheid en de gebruiksvriendelijkheid van studentvoorzieningen in Progress te verbeteren. Product owner Dinant Kasper legt uit wat er  is verandert en waarom dit een verbetering is voor de gebruikers.

Wat zijn studentvoorzieningen?
Voor wie nog niet weet wat een voorziening inhoudt: het gaat hierbij om ondersteuning voor studenten met functiebeperkingen. Denk bijvoorbeeld aan een tijdelijke beperking – zoals een gebroken been – of een permanente, bijvoorbeeld dyslexie. Zo kan een student met dyslexie extra tijd krijgen tijdens toetsen. Door persoonsgegevens te scheiden van de daadwerkelijke oplossing die door onderwijsinstellingen wordt aangeboden, zorgen we ervoor dat er zo min mogelijk persoonlijke informatie van studenten wordt opgeslagen.

Grote impact
Dinant Kasper deelt zijn eigen ervaring: “Zelf heb ik dyslexie. Het aanvragen van een voorziening is nooit leuk; je moet je diagnose indienen bij de examencommissie. Destijds werd mijn voorziening als afkorting op mijn studentenkaart vermeld, wat ik – onhandig als ik ben – soms vergat mee te nemen. Nu kun je in het Progress Portaal gewoon inloggen en direct zien welke voorzieningen je hebt. Dit is ontzettend handig tijdens toetsen of andere momenten waarop je moet aantonen dat je bepaalde voorzieningen hebt.”

Soms moet je als student zelf bewijzen dat je een voorziening hebt, maar het is natuurlijk fijner als dat onderdeel is van het onderwijs logistieke proces. Zo kun je die informatie bijvoorbeeld automatisch laten meenemen in de deelnemerslijst. Progress controleert nu automatisch of een student een geldige voorziening heeft tijdens toets momenten.

Je ziet dus dat wijzigingen als het toevoegen van een geldigheidsperiode aan voorzieningen, het tonen van voorzieningen aan studenten en extra beheermogelijkheden om tijdelijke en permanente voorzieningen goed bij te houden, een grote positieve impact kunnen hebben op het leven van studenten!

Nieuwsgierig?
Wij zijn als IT-organisatie gespecialiseerd in de technologische innovatie van leerprocessen en de impact van de organisatie daaromheen. Benieuwd wat we voor impact in jouw organisatie kunnen bieden? We staan je graag te woord.

Klantendag 2025 – Optimale vrijheid en maximale voorspelbaarheid in onderwijslogistiek: dilemma of kans?

Op 27 november 2025 mochten de teams van Progress en Educator hun klanten verwelkomen bij Landstede Sportcentrum voor een inspirerende klantendag! Samen hebben we in een ontspannen sfeer genoten van goede gesprekken en veel inspiratie opgedaan. De middag startte met de inspirerende voorstelling ‘Het geluksgevoel’ van Eric Mijnster . Geraakt door zijn persoonlijke en avontuurlijke reis gingen we uiteen in verschillende sessies rondom het thema van deze dag:

Optimale vrijheid en maximale voorspelbaarheid in onderwijslogistiek: dilemma of kans?

We kijken terug op een zeer succesvolle klantendag en bedanken het gastvrije team van Landstede Sportcentrum hartelijk voor hun bijdrage hieraan!

Progress is onderdeel van QSBN – een collectief van IT-organisaties die samen bouwen aan de digitale toekomst van organisaties in het onderwijs, de publieke sector, de zorg en het bedrijfsleven.

Cijferregistratie in één klik: van LMS naar SIS

Slimme integratie maakt onderwijsproces efficiënter, veiliger en minder foutgevoelig

 Het aanleveren van cijfers door docenten is binnen veel onderwijsinstellingen nog altijd een verrassend omslachtig en foutgevoelig proces. Handmatige invoer, het werken met Excel-lijsten of zelfs het overtypen van ondertekende printjes zijn geen uitzondering. Binnen de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) is daar verandering in gebracht met een innovatieve koppeling tussen het Learning Management System (LMS) en het Student Informatie Systeem (SIS) van Progress. Allard Naber (Coördinator Onderwijsapplicaties ) van de RUG en Dinant Kasper van Progress Onderwijs vertellen hoe dit project tot stand is gekomen.

De aanleiding: versnippering en risico’s
“Tot voor kort verliep het cijfertraject binnen de RUG via uiteenlopende kanalen”, vertelt Naber. “Cijfers werden aangeleverd via het Progress Portaal, losse Excel-bestanden of zelfs op papier. Niet alleen was dit proces arbeidsintensief, ook vormde het een risico voor de bescherming van persoonsgegevens en leidde het regelmatig tot fouten.”
De behoefte aan een gestroomlijnde, veilige en betrouwbare oplossing was dan ook groot, zowel bij docenten als bij onderwijsadministraties.

De oplossing: directe koppeling LMS–SIS
Het team van Progress kwam met een oplossing: een directe koppeling tussen Brightspace (LMS) en Progress (SIS) zou het proces moeten verbeteren. Hierdoor worden de in het LMS ingevoerde resultaten namelijk automatisch als formele cijfers aangeboden in het SIS. De verantwoordelijkheden wijzigen niet: de docent blijft initiator en inhoudelijk verantwoordelijk, de onderwijsadministratie controleert en accordeert. Voor de student verandert er aan de voorkant niets in het proces, maar de achterliggende infrastructuur is fundamenteel verbeterd.

Van pilot naar praktijk
Kasper vertelt dat een speciaal opgerichte werkgroep een kleinschalige pilot uitvoerde om de functionaliteit te testen en gebruikservaringen op te halen. Vervolgens werd de oplossing breed gepresenteerd aan alle faculteiten om aanvullende feedback te verzamelen. Deze iteratieve aanpak leidde tot een reeks verbeteringen aan zowel Brightspace- als Progress kant.

Daarnaast werd er gebouwd aan een REST API die communicatie tussen de systemen mogelijk maakt – cruciaal voor real-time synchronisatie.

Een visie op de toekomst: Integration as a Service
Volgens Kasper is dit project meer dan een technische koppeling: het is onderdeel van een bredere visie op modulaire en flexibele systeemarchitectuur in het hoger onderwijs. Door te kiezen voor “Integration as a Service” wordt de onderwijsinstelling in staat gesteld om de regie over het integratieproces zelf te houden, met standaardkoppelingen naar platformen als Itslearning en Exact.

Het uiteindelijke doel is een modulaire SIS, opgebouwd uit geïntegreerde bouwstenen zoals inschrijving, studievoortgang, financiële administratie, intekening en onderwijscatalogus met daarnaast ruimte voor maatwerk zonder in te boeten op standaardisatie en schaalbaarheid.

Feedback uit het onderwijsveld
Naber geeft aan dat de reacties binnen de RUG op de eerste implementatie erg positief zijn. Docenten en onderwijsadministraties waarderen bovenal de gebruiksvriendelijkheid en foutreductie. Ook is er nog ruimte voor doorontwikkeling: de suggesties vanuit de faculteiten worden actief meegenomen in dit proces.

Kern SIS                                                     

Modulair geïmplementeerd

Conclusie                                              

Dit project is een voorbeeld van digitalisering binnen het hoger onderwijs waarbij niet alleen processen efficiënter gemaakt worden, maar ook bijdraagt aan betrouwbaarheid, transparantie en werkplezier. Door systemen slim te koppelen en gebruikers actief te betrekken ontstaat er een infrastructuur die klaar is voor de toekomst van modulair, gepersonaliseerd en digitaal onderwijs.

Van code naar klantwaarde: Het verhaal van een gedreven product owner

Een technische basis en een gebruikersgerichte missie
Ruim 25 jaar geleden begon zijn loopbaan als programmeur. Al snel viel hem op dat software vaak werd ontwikkeld vanuit een puur technische bril, zonder echt oog te hebben voor de dagelijkse praktijk van de eindgebruiker. “We leverden vaak iets op wat technisch werkte, maar niet goed aansloot bij wat mensen nodig hadden in hun werk.” Dat moest anders, vond hij.

Gedreven door de overtuiging dat software begrijpelijk, simpel en ondersteunend moet zijn, verschoof zijn focus steeds meer naar de voorkant van projecten. Hij werd de schakel tussen gebruikers en ontwikkelaars – lang voordat daar het label Product Owner op werd geplakt.

De stap naar Progress
In de zoektocht naar een nieuwe uitdaging kwam Wieger uit bij Progess. “De platte organisatie, het kleine team met korte lijnen en het feit dat we onderdeel zijn van QSBN – dat sprak me meteen aan. Er liggen hier mooie uitdagingen, en er is ruimte voor vernieuwing. “Ik wil samen met het team en onze klanten bouwen aan verbetering, niet op de winkel passen.”

Focus op waarde voor de klant
De belangrijkste verantwoordelijkheid van een Product Owner? Voor Wieger is dat glashelder: “Zorgen dat onze klanten de beste software krijgen, die hen helpt om sneller, beter, leuker en mooier te werken.”

Bij het stellen van prioriteiten voor het product Progress SIS combineert hij vaste kaders – zoals wetswijzigingen of DUO-updates – met input vanuit stakeholders, gebruikers en de interne productvisie. Belangrijke vragen die hij daarbij stelt: Hoeveel impact heeft deze feature? Is het generiek inzetbaar voor meerdere klanten? En hoe goed past het binnen de bestaande software?

Transparantie is daarbij essentieel. “Als we een keuze maken, leg ik altijd uit waarom.” “Natuurlijk is niet iedereen blij als zijn wens lager op de prioriteitenlijst komt, maar begrip is er meestal wel.”

Samen ontwikkelen met team én klant
Het development team van Progress bestaat uit zelfstandige professionals, en dat werkt uitstekend. “Ik hoef het team niet te micromanagen.” Ze pakken zelfstandig features op en stemmen details af met gebruikers. Dat geeft mij de ruimte om te focussen op de koers en het grotere plaatje.”

Ook klanten worden intensief betrokken bij het ontwikkelproces. Via intakegesprekken, validatie sessies en demo’s tijdens de ontwikkeling blijft de communicatie open en gericht. Bij grotere trajecten wordt zelfs een speciaal projectteam samengesteld, bestaande uit eindgebruikers én developers, om samen iteratief te bouwen aan een optimale oplossing.

Conflicten? Zoek naar wat verbindt
Conflicterende belangen tussen klanten zijn onvermijdelijk, maar Wieger ziet daar juist een kans. “Ik zoek eerst naar de overeenkomsten – dat is de basis voor een generieke oplossing.” Voor de verschillen kijken we naar configureerbare opties. Maar als iets te complex of onderhoudsgevoelig wordt, durf ik ook nee te zeggen. “Stabiliteit en onderhoudbaarheid blijven cruciaal.”

Toch stopt het denken daar niet. “Ook als ik nee zeg, blijf ik zoeken naar manieren om klanten toch verder te helpen – soms zelfs buiten onze eigen software om.”

Een visie bouwen, stap voor stap
Hoewel hij bij Progress al ideeën heeft over de toekomstige richting van het product, formuleert hij zijn visie liever met zorg. “Ik wil eerst ‘boven de materie’ uitstijgen voordat ik het volledig uitschrijf. Dat kost tijd, zeker in een complex speelveld. “Maar ondertussen praat ik veel met mensen, intern en extern, en denk ik voortdurend na over hoe we het leven van gebruikers makkelijker kunnen maken.”

Lange termijn versus korte termijn
Een bekend spanningsveld: direct urgente vragen versus lange termijn doelen. “Ik zorg dat we altijd een deel van de capaciteit inzetten voor de lange termijn zodat we het lange termijn doel niet uit het oog verliezen in de dagelijkse hectiek.” ” Ook al gaat het niet altijd snel, ‘slow and steady’ brengt ons uiteindelijk waar we willen zijn. Door grote doelen op te knippen in kleine stappen creëren we ruimte om flexibel te blijven.”

Geen voorkeur voor tools, wel voor mensen
Tools ziet Wieger als middel, geen doel. “Waarmee we werken maakt me eigenlijk niet zoveel uit, zolang het maar ondersteunt.” Het draait voor hem vooral om samenwerking en communicatie. En ook als er weerstand is – van het team of van klanten – staat luisteren voorop. “Ik wil begrijpen waar de zorgen zitten.” Is het inhoudelijke weerstand, dan moeten we het plan aanpassen. Is het weerstand tegen verandering an sich, dan leg ik zo goed mogelijk uit waarom het nodig is. “Maar uiteindelijk: we moeten wel vooruit.”

Uitdagingen en hoogtepunten
De grootste uitdaging? “Altijd de samenwerking met het team.” Elk team is anders – soms junior, soms juist vastgeroest – en het kost in beide gevallen tijd om op één lijn te komen. “Maar als dat lukt, geeft dat ontzettend veel voldoening.”

Een van zijn mooiste projecten herinnert hij zich nog levendig: “We ontwikkelden een compleet nieuwe oplossing, nauw samen met gebruikers. In de eerste week na livegang werden we op de werkvloer overladen met bedankjes. Het hielp hen zó goed in hun werk. “Dat moment zal ik nooit vergeten – het bevestigt mijn overtuiging dat goede software écht het verschil kan maken in het dagelijks werk van mensen.”

Whitepaper – SIS als backbone van de flexibele belofte

In dit whitepaper zetten we in grote lijnen uiteen:

  • Waar de behoefte aan flexibel onderwijs vandaan komt
  • Welke mogelijkheden flexibel onderwijs biedt
  • Waar en hoe er met verschillende vormen van flexibel onderwijs
  • geëxperimenteerd wordt
  • Aan welke randvoorwaarden onderwijsinstellingen moeten voldoen
  • om werk te maken van flexibel onderwijs
  • Hoe een studentinformatiesysteem (SIS) de flexibele belofte waar kan maken

Landing – Toekomstvisie – Onderwijsprofessional – HO

Landing – Implementatie – Onderwijsprofessional – HO

Landing – Aanbesteding – Onderwijsprofessional – HO

Neem contact op